BOJET in gesprek met woonbegeleider gehandicaptenzorg

Het team van BOJET heeft een leuk gesprek gehad met Marijne, woonbegeleider op een woongroep in de gehandicaptenzorg en zij doet kort haar verhaal over het werken in de zorg;

“Binnen de organisatie waar ik werk maken we onderscheid in woongroepen; namelijk regulier en intensief. Op regulier wonen mensen die wel begeleiding nodig hebben, maar veel zelfstandig zijn en waar het gedrag niet ernstig is. Binnen een intensieve woning is er o.a. sprake van gedragsstoornissen en is er meer begeleiding nodig.

Ikzelf werk op een kindergroep op een intensieve woning. Ik zorg ervoor dat de kinderen het dagprogramma door komen en begeleiding krijgen waar ze dat nodig hebben. Dat kan bijvoorbeeld zijn dat je verschillende activiteiten aanbiedt en hieraan mee doet. Ook stimuleer je ze om zelf activiteiten te ondernemen (kleuren, was doen, naar buiten gaan etc.) Eigenlijk speel je samen met andere collega’s een soort van ‘vader en moedertje’ op de woning. Je zorgt ervoor dat de woning draait en alles gebeurt zoals in een normaal huishouden, alleen gaat het hier net even wat anders.

Omdat ik op intensief zit is er o.a. sprake van verschillende gedragsstoornissen. Dit kan ervoor zorgen dat iemand niet zelfstandig naar school kan fietsen of zelf zijn was kan doen. Ook kan het wel eens uit de hand lopen wanneer een cliënt het niet eens is met de vraag van de begeleider. Het is dan de bedoeling dat wij de cliënt zo goed mogelijk begeleiden en dat hij/zij weer rustig kan worden”.  

Wij vroegen ook aan Marijne wat ze leuk en minder leuk vind aan haar beroep als woonbegeleider gehandicaptenzorg:

“Ik vind het heel erg leuk om hun zelfstandigheid te stimuleren, dit is ook iets wat ik elke dienst mee neem. Zo heb ik bijvoorbeeld een was kaart gemaakt met een stappenplan over hoe een wasmachine en droger werkt. Het zijn dan ook steeds succesmomenten wanneer ik zie dat de kinderen zelf hun was doen.

Ook vind ik het heel erg leuk om samen met een cliënt iets te doen, dat je bijvoorbeeld één op één op pad gaat. Je kan er dan lekker op uit gaan naar de winkel, stad, musea etc. De cliënten vinden dat helemaal geweldig wanneer ze aandacht krijgen van een begeleider en dit niet hoeven te delen met anderen”.

“Wat ik minder leuk vind is dat het soms wel eens uit de hand kan lopen. Dat bijvoorbeeld een cliënt weerstand biedt tegen het dagprogramma. Dit kan zich dan uiten dat een cliënt zich meer verbaal gaat uitdrukken en kan het zo zijn dat een andere cliënt de dupe is. Of de begeleiding kan hiervan de dupe worden. Wanneer dit niet meer verbaal is maar fysiek wordt moeten wij als begeleiding wel eens ingrijpen. Ik vind dit nooit leuk, ik hou er niet van om ‘boos’ te worden op mijn cliënten en vind dat dan ook erg naar. De uitdaging ligt er voor mij dan in hoe ik ervoor kan zorgen dat deze cliënt weer rustig wordt zonder dat andere cliënten/begeleiders daar last van hebben”.

*In verband met de privacy is de gebruikte foto bij deze blog niet de persoon van het verhaal.